Rechtbank Amsterdam: DNB schiet tekort in onderbouwing geheimhouding TMNL-stukken

03 augustus 2026

De Nederlandsche Bank (DNB) heeft onvoldoende onderbouwd waarom honderden documenten over Transactiemonitoring Nederland (TMNL) buiten de Wet open overheid (Woo) zouden vallen. Dat heeft de rechtbank Amsterdam geoordeeld. Omdat DNB weigerde de betreffende stukken vertrouwelijk aan de rechter voor te leggen, kon niet worden getoetst of de geheimhoudingsplicht uit de Wwft wel terecht werd ingeroepen. Het beroep is dan ook gegrond verklaard.

Aanleiding voor de procedure is een Woo-verzoek gericht op de rol van DNB bij TMNL, het samenwerkingsverband waarin vijf grote banken gezamenlijk transacties analyseren. De verzoekster wilde onder meer zicht krijgen op het beleid rondom ongebruikelijke transacties en de vraag of DNB de samenwerking tussen de banken ten onrechte heeft gedoogd.

DNB traceerde 566 documenten, maar merkte 362 daarvan direct aan als ‘toezichtvertrouwelijk’. Volgens de toezichthouder vielen deze stukken vanwege de geheimhoudingsbepalingen uit de Wwft buiten de reikwijdte van de Woo en hoefden ze daarom niet inhoudelijk aan de Woo te worden getoetst.

De rechtbank gaat daar niet in mee. In het verzoek was immers expliciet gevraagd om beleidsmatige documenten en niet om instellingsspecifieke toezichtinformatie. Dat betekent volgens de rechtbank niet dat DNB zonder meer mocht aannemen dat alle aangetroffen documenten buiten de Woo vielen. Om daarover te kunnen oordelen verzocht de rechtbank DNB de documenten over te leggen op grond van artikel 8:29 Awb, zodat zij deze vertrouwelijk kon inzien. DNB weigerde dit echter, met het argument dat de geheimhoudingsplicht uit de Wwft zich ook tegen de bestuursrechter zou verzetten.

Die redenering houdt geen stand. De rechtbank wijst daarbij op het Europese Baumeister-arrest. Daaruit volgt dat informatie alleen als vertrouwelijk kan worden aangemerkt wanneer deze niet openbaar is én openbaarmaking de belangen van betrokkenen of de goede werking van het toezicht kan schaden. Een algemene of ‘kale’ motivering volstaat niet. Beleidsstukken zijn bovendien niet per definitie geheim, wat betekent dat DNB de afweging per document zal moeten maken. Zonder de stukken zelf te kunnen inzien, kan de rechter zijn controlerende taak niet uitvoeren.

Het bestreden besluit is vernietigd. DNB krijgt zes weken de tijd om een nieuw besluit op bezwaar te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Omdat DNB tijdens de zitting aangaf de principiële kwestie mogelijk in hoger beroep aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State te willen voorleggen, heeft de rechtbank de zaak niet zelf afgedaan.

Plaats uw reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *