Het aantal niet-EU-bedrijven dat verplicht moet rapporteren onder de Europese Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD) daalt drastisch. Waar aanvankelijk nog werd uitgegaan van zo’n 10.000 buitenlandse ondernemingen, blijven er door het zogenaamde ‘Omnibus-vereenvoudigingsinitiatief’ van de Europese Commissie nog maar circa 1.200 over. Dit blijkt uit cijfers van EFRAG (European Financial Reporting Advisory Group).
Dit initiatief, dat begin 2025 werd gelanceerd, is specifiek bedoeld om de administratieve lasten en regeldruk rondom duurzaamheidsrapportages aanzienlijk te verminderen.
Versoepeling van de criteria
De sterke daling (een krimp van zo’n 88%) is het directe gevolg van fors verhoogde drempelwaarden. Een vergelijking tussen de oude en nieuwe criteria voor niet-EU-moederbedrijven:
| Criterium | Oorspronkelijke CSRD-regeling | Nieuwe Omnibus-regeling |
| Netto-omzet in de EU | > €150 miljoen | > €450 miljoen (gedurende twee opeenvolgende jaren) |
| Omzet EU-dochter of filiaal | > €40 miljoen | > €200 miljoen |
Hoewel de regeldruk voor veel internationale bedrijven hiermee van de baan is, blijven de grootste spelers buiten de EU nog altijd binnen de scope vallen. EFRAG schat de geografische verdeling van deze resterende 1.200 bedrijven als volgt in:
- Verenigde Staten: 350 – 450 bedrijven
- Verenigd Koninkrijk: 150 – 200 bedrijven
- Zwitserland & Japan: 100 – 150 bedrijven per land
- Overige rechtsgebieden: 30 – 80 bedrijven
Door de komst van het Omnibus-initiatief heeft EFRAG de ontwikkeling van de rapportagestandaarden voor niet-EU-groepen (de zogenaamde N-ESRS) begin 2025 tijdelijk on hold gezet. Nu de nieuwe kaders helder zijn, zijn de werkzaamheden hervat.
Belangrijk verschil met EU-bedrijven
De N-ESRS zal voor niet-EU-bedrijven de focus hoofdzakelijk leggen op de impact die het bedrijf heeft op mens en milieu. Dit verschilt van de ESRS voor EU-bedrijven, die verplicht moeten rapporteren over de volledige ‘dubbele materialiteit’ (dus zowel impact als de financiële risico’s en kansen die uit duurzaamheid voortvloeien).
Wel zal de opbouw van de N-ESRS herkenbaar blijven. De standaard zal net als de reguliere ESRS bestaan uit 12 standaarden (waaronder klimaatverandering, vervuiling en water) en opgebouwd worden rond vier rapportagegebieden:
- Governance (Bestuur)
- Strategie
- Impactmanagement (via beleid en acties)
- Metrieken en doelstellingen
Hoe nu verder?
EFRAG roept internationale bedrijven op om zich aan te melden voor praktijktests (field tests) zodra de conceptversie deze zomer verschijnt. Het doel is om het definitieve technische advies over de N-ESRS in januari 2027 te overhandigen aan de Europese Commissie.

